28-01-2007

JC superstar!

Maandag 22 januari 2007 was een memorabele dag. Hij zal de boeken ingaan als de dag waarop Neil voor het eerst straf kreeg op de crèche. Hij had Sophie in haar vinger gebeten. Neil was zich van geen kwaad bewust, maar Sophie had het op een gillen gezet en de kleintjes die getuige waren geweest van het delict, hadden heel verontwaardigd gereageerd. Neil bijt Sophie, Neil bijt Sophie! En om recht te doen aan het rechtvaardigheids- en gelijkheidsbeginsel, moest Neil boete doen in het kleine kamertje. Maar dat vond hij helemaal niet erg.

Die avond waren zijn vader en moeder getuige van de glorieuze rentree van Jarvis Cocker, in Paradiso. Jarvis Cocker is de meest charismatische Brit ter wereld – hij woont tegenwoordig in Parijs – als je het mij vraagt. Zijn rijzige gestalte, zijn onmiskenbare stuiptrekkende motoriek, zijn zwartgallige tongue-in-cheek grapjes… en mooie liedjes, dat vergeet ik nog bijna te zeggen. Hij speelde bijna alle nummers van zijn onlangs verschenen solo-album en trakteerde ten slotte ook nog op een weergaloze versie van Purple Haze.

Als het programma ‘In de hoofdrol’ nog zou bestaan en de beatmaster en ik eregast zouden zijn, dan had Mies Jarvis Cocker moeten uitnodigen om de uitzending feestelijk af te sluiten. Jarvis speelt een centrale rol in ons leven. Op onze eerste date, in augustus 1997, hebben we naar Do you remember the first time? gekeken. Deze korte film is geregisseerd door Jarvis Cocker en werd in 1994 uitgebracht ter promotie van de gelijknamige single van Pulp. De beatmaster had de video special in huis gehaald, omdat hij wist dat ik net zo van Pulp hield als hij. We houden nog steeds van Pulp, en we houden ook nog steeds van elkaar.

Toen Pulp in december 1995 in de Melkweg speelde, kende ik de beatmaster nog niet. Anders had hij vast en zeker verhinderd dat ik halverwege dat concert een grote roze Zeeman-onderbroek naar het podium zou slingeren. ‘At least this is a fresh one’, zei Jarvis, terwijl hij zijn neus in de badstof drukte. Dan had de beatmaster me waarschijnlijk ook bij het podium vandaan getrokken, toen ik Jarvis’ enkels wilde grijpen. Vorige week maandag, in Paradiso, kon ik mezelf beter in de hand houden. Neil moet zich niet voor zijn moeder hoeven schamen.

Els | 11:47 pm

Comments (5)

11-01-2007

Ik ben tegen regen

Om de tien minuten draai ik me om en kijk ik angstvallig uit het raam om te zien of de voorspelde zuidwesterstorm Haarlem Centrum al heeft bereikt. Nog steeds niets te zien. De takken van de boom voor het kantoor zwiepen een beetje, maar dat is alles. Misschien is de storm voorbijgeraasd toen ik naar kantoor fietste en even niet keek. De capuchon van mijn nieuwe regenjas zat voor mijn ogen en ik snapte niet aan welke koordjes ik moest trekken om weer zicht te hebben.

Mijn nieuwe regenpak had een gebruiksaanwijzing moeten hebben. Het beschikt over allerlei features die mijn oude Hema-regenpak niet had. Bij de jas hoort bijvoorbeeld een broek met ‘anatomische pasvorm’ – geen gezicht – en een soort regensokjes die je aan de broekspijpen kunt bevestigen, zodat het water echt nergens tussendoor kan. Die broek heb ik maar aan me voorbij laten gaan. Ik ben niet van plan om ermee te gaan raften.

Mijn nieuwe regenpak ademt. In tegenstelling tot deze forensen hoef ik dus niet bang te zijn dat ik de ochtendspits niet overleef.

Els | 1:14 pm

Comments (2)

09-01-2007

Stok exchange

Deze is om er weer een beetje in te komen. Een kleine variatie op het thema Vertel vijf dingen over jezelf die anderen niet weten: vijf dingen die alleen de beatmaster van me weet:

Dat ik bang ben om pillen te slikken. Met appelmoes, yoghurt, voor de spiegel, in de badkamer met de deur dicht, het lukt niet. De beatmaster zegt dat het tussen mijn oren zit, maar ik denk dat het iets veel fysiekers is. Met kerst moest ik een antibioticakuur doen. Op het doosje stond ‘kuur afmaken’. Dat heb ik gedaan; ik heb alle twintig capsules in mijn mond gehad. Tien heb ik met hangen en wurgen naar binnen gekregen, op een golf yoghurt of appelmoes. De andere tien heb ik door alle verwoede pogingen echter per ongeluk opengeplet met mijn tong tegen mijn verhemelte, doordat de huls helemaal zacht was geworden. Al het poeder eruit, getver. Hup, de vuilnisbak in. Ik durf niet naar de dokter voor een nieuwe strip.

Dat ik in mailtjes waarop ik reply, stiekem de tekst van de afzender die in mijn reply blijft staan, eindredigeer. Ik erger me dood aan dubbele spaties, een spatie voor een komma in plaats van erna en gebrek aan andere interpunctie. Mijn reply ziet er mooier uit als ik die schoonheidsfoutjes van de afzender even rechtzet. En daarom heb ik daar het recht toe, meen ik.

Dat ik bang ben voor water. Onder de douche durf ik de sproeier alleen maar op mijn gezicht te zetten (twee seconden) als ik mijn ogen en neus stijf dicht houd en een handdoek binnen handbereik heb. Een zwembad durf ik niet in te springen, laat staan te duiken, en onder water zwemmen vind ik helemaal eng. En als iemand me nat spat, ga ik gillen.

Dat ik zo niet op mijn rijvaardigheid vertrouw, dat ik in een regenbui altijd kijk in welke stand andere weggebruikers hun ruitenwissers hebben staan, en dan mijn eigen ruitenwissers in diezelfde stand zet. Ik voel me een sukkel als de mijne op heen-weer-heen-weer-heen-weer-heen-weer (standje 2) staat, terwijl andere weggebruikers hun ruitenwissers op standje 1 hebben staan. Ze moeten niet denken dat ik bang voor water ben.

Dat ik Neil ten onrechte als excuus gebruik als mensen vragen: waarom zien we je toch zo weinig? In werkelijkheid heeft het afgelopen jaar vooral in het teken gestaan van keihard werken. Ik wilde voor mezelf bewijzen dat ik nog steeds een hele goeie journalist/tekstschrijver ben, ook nu – sinds de komst van Neil – werk niet meer het belangrijkste is in mijn leven. Nou, dat heb ik gedaan, dat bewijzen. Leuke nieuwe opdrachtgevers, goeie klussen en een topomzet. Maar af en toe wel het gevoel dat ik Neil (en de beatmaster) er een beetje bij deed.

Ik geef dit stokje volgens goed gebruik door, en wel aan mijn zus, die net als ik, maar dan om een andere reden, een hekel heeft aan geheimen. En dan nu geen stokjes meer, hoor.

Els | 4:49 pm

Comments (3)